Passage opvragen   Tekst zoeken  
Passage:
Bijvoorbeeld:
  • Genesis
  • Gen
  • Gen 1
  • Gen 1:10
  • Gen 1:1-10
Woord(en):
Bijvoorbeeld:
  • evangelie
  • "groot en machtig"
  • koning*
Zoeken in:
Bijbelboeken selecteren...
Bijbelversie(s):
Andere bijbelversie(s) weergeven:
De Nieuwe Bijbelvertaling [NBV]
Statenvertaling (Jongbloed-editie) [SV-J]
NBG-vertaling 1951 [NBG51]
Willibrordvertaling 1995 [WV95]
Groot Nieuws Bijbel 1996 [GNB96]
Meer (Nederlands)...
Statenvertaling 1637[SV1637]
Statenvertaling editie 1977[SV1977]
Meer (buitenlands)...
Engels...
King James Version, 1611 [KJV]
American Standard Version, 1901 [ASV]
Good News Bible, 1992 [GNB]
Contemporary English Version, 1999 [CEV]
World English Bible, 2002 [WEB]
Frans...
Louis Segond, 1910 [SEG]
Duits...
Luthervertaling, 1545 [L45]
Spaans...
Reina-Valera Revisada, 1995 [RVR95]
Noten bij RVR 1995 [RVR95n]
Dios Habla Hoy, 2002 [DHH]
Noten bij DHH 2002 [DHHn]
Catalaans...
Biblia Catalana Interconfessional, 1993 [BCI]
Kroatisch...
Kroatische bijbel (KS), 1994 [HKS]
Latijn...
Vulgata, 4e-5e eeuw (gereconstrueerd) [VUL]
Vulgata Clementina, 1592 [VLC]
Roemeens...
Biblia Cornilescu, 1921 [RCB]
Russisch...
Russische Synodale Vertaling, 1876 [RUS]
Sloveens...
Dalmatin-bijbel 1584 (gedeeltelijk) [DAL]
Chraska-vertaling 1914 [CHR]
Oecumenische Editie 1974 [EKU]
Jubilee New Testament + Psalms 1984 [JUB]
Sloveense Standaardvertaling 1997 [SSP]
Studie-voetnoten bij SSP 1997 [SSP-Op]
Tekstverwijzingen bij SSP 1997 [SSP-Ref]
Sloveense Standaardvertaling 2006 [SSP3]

Efeziërs 5

Efeziërs :1 2 3 4 5 6

5
Volg dus het voorbeeld van God, als kinderen die hij liefheeft,
Vermaningen
5
Weest dan navolgers Gods, als geliefde kinderen,
Vermaning tot de navolging van God
5
1 Zijt dan navolgers Gods, als geliefde kinderen;
5
1 Wees dus navolgers van God, als geliefde kinderen,
en ga de weg van de liefde, zoals Christus, die ons heeft liefgehad en zich voor ons gegeven heeft als offer, als een geurige gave voor God. en wandelt in de liefde, zoals ook Christus u heeft liefgehad en Zich voor ons heeft overgegeven als offergave en slachtoffer, Gode tot een welriekende reuk.
2 En wandelt in de liefde, gelijkerwijs
[5:2] Gal 2:20. Tit 2:14. 1 Petr 3:18.
ook Christus ons liefgehad heeft, en
[5:2] Hebr 8:3; 9:14.
Zichzelven voor ons heeft overgegeven tot een offerande en een slachtoffer, Gode tot een welriekenden reuk.
2 en leid een leven van liefde, zoals ook Christus ons heeft liefgehad en zich voor ons heeft overgeleverd als offergave en slachtoffer, een lieflijke geur voor God.
Laat er bij u geen sprake zijn van ontucht of zedeloosheid, of van hebzucht – deze dingen horen niet bij heiligen.
Maar van hoererij en allerlei onreinheid of hebzucht mag onder u zelfs geen sprake zijn, zoals het heiligen betaamt,
3 Maar
[5:3] Mark 7:21. Efez 4:29. Kol 3:5.
hoererij en alle onreinigheid, of gierigheid, laat ook onder u niet genoemd worden, gelijkerwijs het den heiligen betaamt,
Kinderen van het licht
3 Ontucht en onzedelijkheid, in welke vorm dan ook, of hebzucht mag onder u zelfs niet ter sprake komen. Zo past het heiligen.
Ook dubbelzinnige, oppervlakkige en platvloerse taal is ongepast – spreek liever woorden van dank. en evenmin van onwelvoegelijkheid en zotte of losse taal, die geen pas geven, doch veeleer van dankzegging.
4 Noch oneerbaarheid, noch zot geklap, of gekkernij, welke niet betamen; maar veelmeer dankzegging.
4 Evenmin past u schandelijke, domme of dubbelzinnige taal, maar veeleer dankzegging.
Want u moet goed weten dat iemand die in ontucht leeft, zedeloos of hebzuchtig is – dat is allemaal afgoderij – geen deel kan hebben aan het koninkrijk van Christus en van God. Want hiervan moet gij doordrongen zijn, dat in geen geval een hoereerder, onreine of geldgierige, dat is een afgodendienaar, erfdeel heeft in het Koninkrijk van Christus en God.
5 Want dit weet gij, dat geen hoereerder, of onreine, of gierigaard, die een afgodendienaar is, erfenis heeft in het Koninkrijk van Christus en van God.
5 Besef het goed: een ontuchtige of onreine of hebzuchtige – wat hetzelfde is als een afgodendienaar – heeft geen erfdeel in het koninkrijk van Christus en van God.
Laat u door niemand met loze woorden misleiden, want wie God ongehoorzaam is, wordt getroffen door zijn toorn.
Laat niemand u misleiden met drogredenen, want door zulke dingen komt de toorn Gods over de kinderen der ongehoorzaamheid.
6 Dat u niemand verleide met ijdele woorden; want om deze dingen komt de toorn Gods over de kinderen der ongehoorzaamheid.
6 Laat niemand u met loze woorden misleiden: vanwege zulke dingen komt Gods toorn over de ongehoorzamen.
Gedraag u dus niet zoals zij, Doet dan niet met hen mede.
7 Zo zijt dan hun medegenoten niet.
7 Laat u niet met hen in.
want eens was u duisternis maar nu bent u licht, door uw bestaan in de Heer. Ga de weg van de kinderen van het licht. Want gij waart vroeger duisternis, maar thans zijt gij licht in de Here; wandelt als kinderen des lichts,
8 Want
[5:8] 1 Thess 5:4.
gij waart eertijds duisternis, maar nu zijt gij licht in den Heere; wandelt als kinderen des lichts.
8 Want eens was u duisternis, maar nu bent u licht door uw verbondenheid met de Heer. Leef als kinderen van het licht,
Het licht brengt goedheid voort en gerechtigheid en waarheid. – want de vrucht des lichts bestaat in louter goedheid en gerechtigheid en waarheid –,
9 (Want
[5:9] Gal 5:22.
de vrucht des Geestes is in alle goedigheid, en rechtvaardigheid, en waarheid),
9 want de vrucht van het licht kan alleen maar zijn: goedheid, gerechtigheid, waarheid.
10 Onderzoek wat de wil van de Heer is. 10 en toetst wat de Here welbehagelijk is.
10 Beproevende wat den Heere welbehagelijk zij.
10 Probeer te ontdekken wat de Heer welgevallig is.
11 Neem geen deel aan de vruchteloze praktijken van de duisternis maar ontmasker die juist, 11 En neemt geen deel aan de onvruchtbare werken der duisternis, maar ontmaskert ze veeleer,
11 En hebt geen gemeenschap met de onvruchtbare werken der duisternis, maar bestraft ze ook veeleer.
11 Neem geen deel aan de onvruchtbare praktijken van de duisternis, stel ze liever aan de kaak.
12 want wat daar in het verborgene gebeurt, is te schandelijk voor woorden. 12 want het is zelfs schandelijk om te noemen, wat heimelijk door hen wordt verricht;
12 Want hetgeen heimelijk van hen geschiedt, is schandelijk ook te zeggen.
12 Want wat deze mensen in het geheim uitvoeren, is zo schandelijk dat men er maar beter niet over kan spreken.
13 Maar alles wat door het licht ontmaskerd wordt, wordt openbaar, 13 maar als dat alles door het licht ontmaskerd wordt, komt het aan de dag; want al wat aan de dag komt is licht.
13 Maar
[5:13] Joh 3:20, 21.
al deze dingen, van het licht bestraft zijnde, worden openbaar; want al wat openbaar maakt, is licht.
13 Alles wat door het licht aan de kaak wordt gesteld, wordt openbaar.
14 en alles wat openbaar wordt, is zelf licht. Daarom staat er:
‘Ontwaak uit uw slaap,
sta op uit de dood,
en Christus zal over u stralen.’
14 Daarom heet het:
Ontwaak, gij die slaapt, en sta op uit de doden, en Christus zal over u lichten.
14 Daarom zegt Hij: Ontwaakt,
[5:14] Rom 13:11. 1 Thess 5:6.
gij, die slaapt, en staat op uit de doden; en Christus zal over u lichten.
14 En alles wat openbaar wordt, is licht. Daarom wordt gezegd:
Ontwaak, slaper,
sta op uit de doden,
en Christus zal over u stralen.
15 Let dus goed op welke weg u bewandelt, gedraag u niet als dwazen maar als verstandige mensen.
15 Ziet dus nauwlettend toe, hoe gij wandelt, niet als onwijzen, doch als wijzen,
15 Ziet
[5:15] Kol 4:5.
dan, hoe gij voorzichtiglijk wandelt, niet als onwijzen, maar als wijzen.
15 Let dus nauwkeurig op, hoe u zich gedraagt: niet als dwazen maar als verstandige mensen.
16 Gebruik uw dagen goed, want we leven in een slechte tijd. 16 u de gelegenheid ten nutte makende, want de dagen zijn kwaad.
16 Den
[5:16] Rom 13:11.
tijd uitkopende, dewijl de dagen boos zijn.
16 Benut de gunstige gelegenheid, want de tijden zijn slecht.
17 Wees niet onverstandig, maar probeer te begrijpen wat de Heer wil. 17 Weest daarom niet onverstandig, maar tracht te verstaan, wat de wil des Heren is.
17 Daarom zijt niet onverstandig, maar
[5:17] Rom 12:2. 1 Thess 4:3.
verstaat, welke de wil des Heeren zij.
17 Daarom, wees niet onverstandig, maar probeer te begrijpen wat de Heer wil.
18 Bedrink u niet, want dat leidt tot uitspattingen, maar laat de Geest u vervullen 18 En bedrinkt u niet aan wijn, waarin bandeloosheid is, maar wordt vervuld met de Geest,
18 En wordt niet dronken in wijn, waarin overdaad is, maar wordt vervuld met den Geest;
18 Drink niet te veel wijn, wat tot losbandigheid leidt, maar laat u bezielen door de Geest.
19 en zing met elkaar psalmen, hymnen en liederen die de Geest u ingeeft. Zing en jubel met heel uw hart voor de Heer 19 en spreekt onder elkander in psalmen, lofzangen en geestelijke liederen, en zingt en jubelt de Here van harte,
19 Sprekende
[5:19] Kol 3:16.
onder elkander met psalmen, en lofzangen, en geestelijke liederen, zingende en psalmende den Heere in uw hart;
19 Spreek elkaar toe in psalmen, hymnen en liederen, ingegeven door de Geest. Zing en speel van ganser harte voor de Heer.
20 en dank God, die uw Vader is, altijd voor alles in de naam van onze Heer Jezus Christus. 20 dankt te allen tijde in de naam van onze Here Jezus Christus God, de Vader, voor alles,
20 Dankende
[5:20] Kol 3:17. 1 Thess 5:18.
te allen tijd over alle dingen God en den Vader, in den Naam van onzen Heere Jezus Christus;
20 Zeg altijd voor alles dank aan God, die de Vader is, in de naam van onze Heer Jezus Christus.

21 Aanvaard elkaars gezag uit eerbied voor Christus.
21 en weest elkander onderdanig in de vreze van Christus.
21 Elkander onderdanig zijnde in de vreze Gods.
Huisregels
21 Schik u naar elkaar, uit ontzag voor Christus.
22 Vrouwen, erken het gezag van uw man als dat van de Heer,
Het huwelijksleven
22 Vrouwen, weest aan uw man onderdanig als aan de Here,
Huiselijke plichten
22 Gij vrouwen, weest aan uw eigen mannen onderdanig, gelijk aan den Heere;
22 Vrouwen, schik u naar uw man als naar de Heer,
23 want een man is het hoofd van zijn vrouw, zoals Christus het hoofd is van de kerk, het lichaam dat hij gered heeft. 23 want de man is het hoofd van zijn vrouw, evenals Christus het hoofd is zijner gemeente; Hij is het, die zijn lichaam in stand houdt.
23 Want
[5:23] 1 Kor 11:3.
de man is het hoofd der vrouw, gelijk
[5:23] Efez 1:22; 4:15. Kol 1:18.
ook Christus het Hoofd der Gemeente is; en Hij is de Behouder des lichaams.
23 want de man is het hoofd van de vrouw, zoals Christus het hoofd is van de kerk. Hijzelf is de verlosser van zijn lichaam.
24 En zoals de kerk het gezag van Christus erkent, zo moeten vrouwen in ieder opzicht het gezag van hun man erkennen. 24 Welnu, gelijk de gemeente onderdanig is aan Christus, zo ook de vrouw aan haar man, in alles.
24 Daarom, gelijk de Gemeente aan Christus onderdanig is, alzo ook de vrouwen aan haar eigen mannen in alles.
24 Welnu, zoals de kerk zich schikt naar Christus, zo moet ook de vrouw zich in alles naar haar man schikken.
25 Mannen, heb uw vrouw lief, zoals Christus de kerk heeft liefgehad en zich voor haar heeft prijsgegeven
25 Mannen, hebt uw vrouw lief, evenals Christus zijn gemeente heeft liefgehad en Zich voor haar overgegeven heeft,
25 Gij
[5:25] Kol 3:19.
mannen, hebt uw eigen vrouwen lief, gelijk ook Christus de Gemeente liefgehad heeft, en
[5:25] Vers 2. Gal 1:4.
Zichzelven voor haar heeft overgegeven;
25 Mannen, heb uw vrouw lief, zoals ook Christus de kerk heeft liefgehad en zich voor haar heeft overgeleverd
26 om haar te heiligen, haar te reinigen met water en woorden 26 om haar te heiligen, haar reinigende door het waterbad met het woord,
26 Opdat Hij haar heiligen zou, haar gereinigd
[5:26] Tit 3:5. 1 Petr 3:21.
hebbende met het bad des waters door het Woord;
26 om haar heilig en rein te maken, door het waterbad en het woord,
27 en om haar in al haar luister bij zich te nemen, zodat ze zonder vlek of rimpel of iets dergelijks zal zijn, heilig en zuiver. 27 en zo zelf de gemeente voor Zich te plaatsen, stralend, zonder vlek of rimpel of iets dergelijks, zó dat zij heilig is en onbesmet.
27 Opdat Hij haar Zichzelven heerlijk zou voorstellen, een Gemeente, die geen vlek of rimpel heeft, of iets dergelijks, maar
[5:27] Kol 1:22.
dat zij zou heilig zijn en onberispelijk.
27 om haar tot zich te voeren in haar luister, zonder vlek of rimpel of iets dergelijks, maar heilig en onbesmet.
28 Zo moeten mannen hun vrouw liefhebben, als hun eigen lichaam. Wie zijn vrouw liefheeft, heeft zichzelf lief. 28 Zo zijn [ook] de mannen verplicht hun vrouw lief te hebben als hun eigen lichaam. Wie zijn eigen vrouw liefheeft, heeft zichzelf lief;
28 Alzo zijn de mannen schuldig hun eigen vrouwen lief te hebben, gelijk hun eigen lichamen. Die zijn eigen vrouw liefheeft, die heeft zichzelven lief.
28 Zo moeten ook de mannen hun vrouwen liefhebben, als waren die hun eigen lichaam. Wie zijn vrouw liefheeft, heeft zichzelf lief.
29 Niemand haat ooit zijn eigen lichaam, integendeel: men voedt en verzorgt het, zoals Christus de kerk, 29 want niemand haat ooit zijn eigen vlees, maar hij voedt het en koestert het, zoals Christus de gemeente,
29 Want niemand heeft ooit zijn eigen vlees gehaat, maar hij voedt het, en onderhoudt het, gelijkerwijs ook de Heere de Gemeente.
29 Want niemand heeft ooit zijn eigen lichaam gehaat; integendeel: hij voedt en koestert het, zoals Christus de kerk,
30 want dat is zijn lichaam en wij zijn de ledematen. 30 omdat wij leden zijn van zijn lichaam.
30 Want
[5:30] Rom 12:5. 1 Kor 12:27.
wij zijn leden Zijns lichaams, van Zijn vlees en van Zijn benen.
30 omdat wij ledematen zijn van zijn lichaam.
31 ‘Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één lichaam zijn.’ 31 Daarom zal een man [zijn] vader en [zijn] moeder verlaten en zijn vrouw aanhangen, en die twee zullen tot één vlees zijn.
31 Daarom
[5:31] Gen 2:24. Matt 19:5. Mark 10:7.
zal een mens zijn vader en moeder verlaten, en zal zijn vrouw aanhangen; en zij twee zullen tot
[5:31] 1 Kor 6:16.
één vlees wezen.
31 Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één zijn.
32 Dit mysterie is groot – en ik betrek het op Christus en de kerk. 32 Dit geheimenis is groot, doch ik spreek met het oog op Christus en [op] de gemeente.
32 Deze verborgenheid is groot; doch ik zeg dit, ziende op Christus en op de Gemeente.
32 Dit geheim is groot. Ikzelf betrek het op Christus en de kerk.
33 Maar ook voor elk van u geldt dat ieder zijn vrouw moet liefhebben als zichzelf, en dat een vrouw ontzag moet hebben voor haar man. 33 Intussen ook gij, laat ieder voor zich zijn eigen vrouw zó liefhebben als zichzelf en de vrouw moet ontzag hebben voor haar man.
33 Zo dan ook gijlieden, elk in het bijzonder, een iegelijk hebbe zijn eigen vrouw, alzo lief als zichzelven; en de vrouw zie, dat zij den man vreze.
33 Hoe dit ook zij, ieder van u moet zijn vrouw liefhebben als zichzelf en de vrouw moet ontzag hebben voor haar man.

De Nieuwe Bijbelvertaling
© 2004/2007 Nederlands Bijbelgenootschap

NBG-vertaling 1951
© 1951 Nederlands Bijbelgenootschap

Statenvertaling (Jongbloed-editie)

Willibrordvertaling (herziene editie 1995)
© 1995 Katholieke Bijbelstichting

Kijkt u ook eens naar:
Voor informatie over hoe het NBG omgaat met de privacy van websitebezoekers: klik hier.
Vragen? Stuur een e-mail naar
info@bijbelgenootschap.nl
visitor stats