Boeken in NBV:

Oude Testament
Genesis
Exodus
Leviticus
Numeri
Deuteronomium
Jozua
Rechters
Ruth
1 Samuel
2 Samuel
1 Koningen
2 Koningen
1 Kronieken
2 Kronieken
Ezra
Nehemia
Ester
Job
Psalmen
Spreuken
Prediker
Hooglied
Jesaja
Jeremia
Klaagliederen
Ezechiël
Daniël
Hosea
Joël
Amos
Obadja
Jona
Micha
Nahum
Habakuk
Sefanja
Haggai
Zacharia
Maleachi
Deuterocanonieke boeken
Tobit
Judit
Ester (Grieks)
1 Makkabeeën
2 Makkabeeën
Wijsheid
Sirach
Baruch
Brief van Jeremia
Toevoegingen aan Daniël
Manasse
Nieuwe Testament
Matteüs
Marcus
Lucas
Johannes
Handelingen
Romeinen
1 Korintiërs
2 Korintiërs
Galaten
Efeziërs
Filippenzen
Kolossenzen
1 Tessalonicenzen
2 Tessalonicenzen
1 Timoteüs
2 Timoteüs
Titus
Filemon
Hebreeën
Jakobus
1 Petrus
2 Petrus
1 Johannes
2 Johannes
3 Johannes
Judas
Openbaring
  Passage opvragen   Tekst zoeken  
Passage:
Bijvoorbeeld:
  • Genesis
  • Gen
  • Gen 1
  • Gen 1:10
  • Gen 1:1-10
Woord(en):
Bijvoorbeeld:
  • evangelie
  • "groot en machtig"
  • koning*
Zoeken in:
Bijbelboeken selecteren...
Bijbelversie(s):
Andere bijbelversie(s) weergeven:
De Nieuwe Bijbelvertaling [NBV]
Statenvertaling (Jongbloed-editie) [SV-J]
NBG-vertaling 1951 [NBG51]
Willibrordvertaling 1995 [WV95]
Groot Nieuws Bijbel 1996 [GNB96]
Meer (Nederlands)...
Statenvertaling 1637[SV1637]
Statenvertaling editie 1977[SV1977]
Meer (buitenlands)...
Engels...
King James Version, 1611 [KJV]
American Standard Version, 1901 [ASV]
Good News Bible, 1992 [GNB]
Contemporary English Version, 1999 [CEV]
World English Bible, 2002 [WEB]
Frans...
Louis Segond, 1910 [SEG]
Duits...
Luthervertaling, 1545 [L45]
Spaans...
Reina-Valera Revisada, 1995 [RVR95]
Noten bij RVR 1995 [RVR95n]
Dios Habla Hoy, 2002 [DHH]
Noten bij DHH 2002 [DHHn]
Catalaans...
Biblia Catalana Interconfessional, 1993 [BCI]
Kroatisch...
Kroatische bijbel (KS), 1994 [HKS]
Latijn...
Vulgata, 4e-5e eeuw (gereconstrueerd) [VUL]
Vulgata Clementina, 1592 [VLC]
Roemeens...
Biblia Cornilescu, 1921 [RCB]
Russisch...
Russische Synodale Vertaling, 1876 [RUS]
Sloveens...
Dalmatin-bijbel 1584 (gedeeltelijk) [DAL]
Chraska-vertaling 1914 [CHR]
Oecumenische Editie 1974 [EKU]
Jubilee New Testament + Psalms 1984 [JUB]
Sloveense Standaardvertaling 1997 [SSP]
Studie-voetnoten bij SSP 1997 [SSP-Op]
Tekstverwijzingen bij SSP 1997 [SSP-Ref]
Sloveense Standaardvertaling 2006 [SSP3]

Kolossenzen 3

Kolossenzen :1 2 3 4

3
Als u nu met Christus uit de dood bent opgewekt, streef dan naar wat boven is, waar Christus zit aan de rechterhand van God.
3
Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, gezeten aan de rechterhand Gods.
Opwekking tot Christelijke heiliging des levens
3
1 Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen die boven zijn, waar
[3:1] Efez 1:20.
Christus is, zittende aan de rechterhand Gods.
3
1 Als u nu met Christus ten leven bent gewekt, zoek dan ook wat boven is, daar waar Christus zetelt aan de rechterhand van God.
Richt u op wat boven is, niet op wat op aarde is. Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn.
2 Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn.
2 Zet uw zinnen op wat boven is, niet op het aardse.
U bent immers gestorven, en uw leven ligt met Christus verborgen in God. Want gij zijt gestorven en uw leven is verborgen met Christus in God.
3 Want
[3:3] Rom 6:2.
gij zijt gestorven, en uw leven is met Christus verborgen
[3:3] Rom 8:24. 2 Kor 5:7.
in God.
3 U bent immers gestorven en uw leven is met Christus verborgen in God.
En wanneer Christus, uw leven, verschijnt, zult ook u, samen met hem, in luister verschijnen. Wanneer Christus verschijnt, die ons leven is, zult ook gij met Hem verschijnen in heerlijkheid.
4 Wanneer
[3:4] Filipp 3:21. 1 Joh 3:2.
nu Christus zal geopenbaard zijn, Die ons leven is, dan zult ook gij met Hem geopenbaard worden in heerlijkheid.
4 Wanneer Christus, die uw leven is, verschijnt, zult ook u met Hem verschijnen in heerlijkheid.
Het nieuwe leven
Laat dus wat aards in u is afsterven: ontucht, zedeloosheid, hartstocht, lage begeerten en ook hebzucht – hebzucht is afgoderij –,
Het nieuwe leven
Doodt dan de leden, die op de aarde zijn: hoererij, onreinheid, hartstocht, boze begeerte en de hebzucht, die niet anders is dan afgoderij,
5 Doodt
[3:5] Efez 4:22; 5:3.
dan uw
[3:5] Rom 7:5, 23.
leden, die op de aarde zijn, namelijk hoererij, onreinigheid, schandelijke
[3:5] 1 Thess 4:5.
beweging, kwade begeerlijkheid, en de gierigheid, welke
[3:5] Efez 5:5.
is afgodendienst.
De oude en de nieuwe mens
5 Maak de aardse praktijken dood: ontucht, onzedelijkheid, hartstocht, kwade begeerte en de hebzucht, die gelijk staat met afgoderij.
want om deze dingen treft Gods toorn degenen die hem ongehoorzaam zijn. om welke dingen de toorn Gods komt.
6 Om welke de toorn Gods komt over de kinderen der ongehoorzaamheid;
6 Deze dingen roepen Gods toorn af over de ongehoorzamen.
Vroeger hebt u ook die weg gevolgd en zo geleefd, Daarin hebt ook gij eertijds gewandeld, toen gij erin leefdet.
7 In
[3:7] 1 Kor 6:11. Efez 2:1. Tit 3:3.
dewelke ook gij eertijds hebt gewandeld, toen gij in dezelve leefdet.
7 Ook u hebt u indertijd hieraan overgegeven en zo geleefd.
maar nu moet u alles wat slecht is opgeven: woede en drift, vloeken en schelden. Maar thans moet ook gij dit alles wegdoen: toorn, heftigheid, kwaadaardigheid, laster en vuile taal uit uw mond.
8 Maar nu legt ook gij dit alles af, namelijk gramschap, toornigheid, kwaadheid, lastering, vuil spreken uit uwen mond.
8 Maar nu moet ook u dit alles vaarwel zeggen: woede, drift, kwaadaardigheid, gevloek en vunzige taal!
Bedrieg elkaar niet, nu u de oude mens en zijn leefwijze afgelegd hebt Liegt niet meer tegen elkander, daar gij de oude mens met zijn praktijken afgelegd,
9 Liegt
[3:9] Efez 4:25.
niet tegen elkander, dewijl gij uitgedaan hebt den ouden mens met zijn werken,
9 En vertel elkaar geen leugens meer.
Trek de oude mens met zijn gedragingen uit,
10 en de nieuwe mens hebt aangetrokken, die steeds vernieuwd wordt naar het beeld van zijn schepper en zo tot inzicht komt. 10 en de nieuwe aangedaan hebt, die vernieuwd wordt tot volle kennis naar het beeld van zijn Schepper,
10 En
[3:10] Rom 6:4.
aangedaan hebt den nieuwen mens, die vernieuwd wordt tot kennis, naar het evenbeeld Desgenen, Die hem geschapen heeft;
10 bekleed u met de nieuwe mens, die wordt vernieuwd tot het ware inzicht, naar het beeld van zijn schepper.
11 Dan is er geen sprake meer van Grieken of Joden, besnedenen of onbesnedenen, barbaren, Skythen, slaven of vrijen, maar dan is Christus alles in allen. 11 waarbij geen onderscheid is tussen Griek en Jood, besneden of onbesneden, barbaar en Skyth, slaaf en vrije, maar alles en in allen is Christus.
11 Waarin niet
[3:11] Gal 3:28; 5:6; 6:15.
is Griek en Jood, besnijdenis en voorhuid, barbaar en Scyth, dienstknecht
[3:11] 1 Kor 7:21, 22; 12:13.
en vrije; maar Christus is alles en in allen.
11 Dan is er geen sprake meer van Griek of Jood, besnedene of onbesnedene, barbaar, Skyth, slaaf, vrije mens. Maar alles in allen is Christus.
12 Omdat God u heeft uitgekozen, omdat u zijn heiligen bent en hij u liefheeft, moet u zich kleden in innig medeleven, in goedheid, bescheidenheid, zachtmoedigheid en geduld.
12 Doet dan aan, als door God uitverkoren heiligen en geliefden, innerlijke ontferming, goedheid, nederigheid, zachtmoedigheid en geduld.
12 Zo
[3:12] Efez 4:32; 6:11.
doet dan aan, als
[3:12] 1 Thess 1:4.
uitverkorenen Gods, heiligen en beminden, de innerlijke bewegingen der barmhartigheid, goedertierenheid, ootmoedigheid, zachtmoedigheid, lankmoedigheid;
12 Bekleed u, als Gods heilige en geliefde uitverkorenen, met tedere ontferming, goedheid, nederigheid, zachtheid en geduld.
13 Verdraag elkaar en vergeef elkaar als iemand een ander iets te verwijten heeft; zoals de Heer u vergeven heeft, moet u elkaar vergeven. 13 Verdraagt elkander en vergeeft elkander, indien de een tegen de ander een grief heeft; gelijk ook de Here u vergeven heeft, doet ook gij evenzo.
13 Verdragende elkander, en
[3:13] Matt 6:14. Mark 11:25. Efez 4:32.
vergevende de een den anderen, zo iemand tegen iemand enige klacht heeft; gelijkerwijs als Christus u vergeven heeft, doet ook gij alzo.
13 Verdraag elkaar en vergeef elkaar als de een tegen de ander een grief heeft. Zoals de Heer u vergeven heeft, zo moet ook u vergeven.
14 En bovenal, kleed u in de liefde, dat is de band die u tot een volmaakte eenheid maakt. 14 En doet bij dit alles de liefde aan, als de band der volmaaktheid.
14 En boven dit alles doet aan de liefde, dewelke is
[3:14] Efez 4:3. Kol 2:2.
de band der volmaaktheid.
14 Voeg bij dit alles de liefde, die de band van de volmaaktheid is.
15 Laat in uw hart de vrede van Christus heersen, want daartoe bent u geroepen als de leden van één lichaam. Wees ook dankbaar. 15 En de vrede van Christus, tot welke gij immers in één lichaam geroepen zijt, regere in uw harten; en weest dankbaar.
15 En de vrede Gods heerse in uw harten, tot welken gij ook geroepen zijt in één lichaam; en weest dankbaar.
15 En laat de vrede van Christus heersen in uw hart; daartoe bent u immers geroepen, als ledematen van één lichaam. En wees dankbaar.
16 Laat Christus’ woorden in al hun rijkdom in u wonen; onderricht en vermaan elkaar in alle wijsheid, zing met heel uw hart psalmen en hymnen voor God en liederen die de Geest u vol genade ingeeft. 16 Het woord van Christus wone rijkelijk in u, zodat gij in alle wijsheid elkander leert en terechtwijst en met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen zingende, Gode dank brengt in uw harten.
16 Het woord van Christus wone rijkelijk in u, in alle wijsheid; leert
[3:16] Efez 5:19.
en vermaant elkander, met psalmen en lofzangen, en geestelijke liederen, zingende den Heere met aangenaamheid in uw hart.
16 Laat het woord van Christus in volle rijkdom onder u wonen. Leer en vermaan elkaar met alle wijsheid. Zing voor God met een dankbaar hart psalmen, hymnen en geestelijke liederen.
17 Doe alles wat u zegt of doet in de naam van de Heer Jezus, terwijl u God, de Vader, dankt door hem. 17 En al wat gij doet met woord of werk, doet het alles in de naam des Heren Jezus, God, de Vader, dankende door Hem!
17 En al wat gij doet met woorden of met werken, doet het alles in den Naam van den Heere Jezus, dankende
[3:17] Efez 5:20. 1 Thess 5:18.
God en den Vader door Hem.
17 Doe alles wat u in woord of daad verricht in de naam van de Heer Jezus, God de Vader dankend door Hem.
18 Vrouwen, erken het gezag van uw man, zoals past bij uw verbondenheid met de Heer.
De christelijke huisregels
18 Vrouwen, weest uw man onderdanig, gelijk het betaamt in de Here.
Huiselijke plichten
18 Gij vrouwen, zijt uw eigen mannen onderdanig, gelijk het betaamt in den Heere.
Huisregels
18 Vrouwen, schik u naar uw man, zoals het christenen betaamt.
19 Mannen, heb uw vrouw lief en wees niet bitter tegen haar.
19 Mannen, hebt uw vrouw lief en weest niet ruw tegen haar.
19 Gij
[3:19] Efez 5:25.
mannen, hebt uw vrouwen lief, en wordt niet verbitterd tegen haar.
19 Mannen, heb uw vrouw lief en wees niet ruw tegen haar.
20 Kinderen, gehoorzaam je ouders in alles, want dat is de wil van de Heer.
20 Kinderen, gehoorzaamt uw ouders in alles, want dit is welbehaaglijk in de Here.
20 Gij
[3:20] Efez 6:1.
kinderen, zijt uw ouderen gehoorzaam in alles, want dat is den Heere welbehagelijk.
20 Kinderen, gehoorzaam je ouders in alles, want dit is de Heer welgevallig.
21 Vaders, vit niet op uw kinderen, want dat maakt ze moedeloos.
21 Vaders, prikkelt uw kinderen niet, opdat zij niet moedeloos worden.
21 Gij vaders, tergt uw kinderen niet, opdat zij niet moedeloos worden.
21 Vaders, vit niet op uw kinderen; anders worden zij moedeloos.
22 Slaven, gehoorzaam uw aardse meester in alles, niet met uiterlijk vertoon om bij de mensen in de gunst te komen, maar oprecht en met ontzag voor de Heer.
22 Slaven, gehoorzaamt uw heren naar het vlees in alles, niet als mensenbehagers om hen naar de ogen te zien, maar met eenvoud des harten in de vreze des Heren.
22 Gij dienstknechten, zijt in alles gehoorzaam uw heren naar het vlees, niet met ogendiensten als mensenbehagers, maar met eenvoudigheid des harten, vrezende God.
22 Slaven, wees in alles gehoorzaam aan je aardse heren, niet als ogendienaren om mensen te behagen, maar in eenvoud van hart, met ontzag voor de Heer.
23 Wat u ook doet, doe het van harte, alsof het voor de Heer is en niet voor de mensen, 23 Wat gij ook doet, verricht uw werk van harte, als voor de Here en niet voor mensen;
23 En al wat gij doet, doet dat van harte als den Heere en niet den mensen;
23 Wat jullie ook doen, doe het van harte, alsof het voor de Heer was en niet voor mensen,
24 want u weet dat u van de Heer een erfenis als beloning zult ontvangen – uw meester is Christus! 24 gij weet toch, dat gij van de Here tot vergelding de erfenis zult ontvangen. Gij dient Christus als heer.
24 Wetende, dat gij van den Heere zult ontvangen de vergelding der erfenis; want gij dient den Heere Christus.
24 wetend dat je van de Heer als beloning het erfdeel zult ontvangen. Jullie dienen de Heer Christus.
25 Maar iedereen die onrecht doet zal daarvoor boeten, en daarbij wordt geen onderscheid gemaakt. 25 Want wie onrecht doet, zal zijn onrecht terugontvangen, en er is geen aanzien des persoons.
25 Maar die onrecht doet, die zal het onrecht dragen, dat hij gedaan heeft; en er is geen aanneming des persoons.
25 Wie onrecht doet, krijgt zijn onrecht terug; Hij kent geen aanzien des persoons.

De Nieuwe Bijbelvertaling
© 2004/2007 Nederlands Bijbelgenootschap

NBG-vertaling 1951
© 1951 Nederlands Bijbelgenootschap

Statenvertaling (Jongbloed-editie)

Willibrordvertaling (herziene editie 1995)
© 1995 Katholieke Bijbelstichting

Kijkt u ook eens naar:
Voor informatie over hoe het NBG omgaat met de privacy van websitebezoekers: klik hier.
Vragen? Stuur een e-mail naar
info@bijbelgenootschap.nl
visitor stats