Het Nederlandstalige deel van Biblija.net wordt beheerd door het Nederlands Bijbelgenootschap

» STEUN ONS «
Woord(en):
Bijvoorbeeld:
  • evangelie
  • "groot en machtig"
  • koning*
  • gezalfde messias
Zoeken in bijbelversie:

Ester (Grieks) 1

Ester (Grieks) :1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18

Ester (Grieks)
Mordechais droom
1 [A]
In het tweede jaar van de regering van koning Artaxerxes de Grote, op de eerste dag van de maand nisan, had Mordechai, de zoon van Jaïr, de zoon van Simi, de zoon van Kis, uit de stam Benjamin, een droom. 2-3 Deze Mordechai was een Jood, een van de mensen die samen met Jechonja, de koning van Juda, door koning Nebukadnessar van Babylonië als ballingen uit Jeruzalem waren weggevoerd, en hij woonde in de stad Susa. Hij was een invloedrijk man, die een functie aan het koninklijk hof bekleedde. [2–3]
Dit was de droom van Mordechai: Geschreeuw en tumult, donderslagen en aardbevingen, verwarring op aarde. Twee grote draken gingen op elkaar af, klaar om te vechten. Ze brulden luid, en door dit gebrul maakten alle volken zich op voor de strijd tegen het volk van de rechtvaardigen. Een dag van diepe duisternis, verdrukking en benauwenis, geweld en grote verwarring op aarde. Er brak paniek uit onder het rechtvaardige volk; ze vreesden dat onheil hen zou treffen en bereidden zich voor op hun ondergang. Ze riepen God aan, en uit hun roepen ontstond een grote watervloed, zoals uit een kleine bron een brede rivier. 10 Het zonlicht verscheen, de nederigen werden verheven en wie in hoog aanzien stonden werden door hen verzwolgen.
11 Nadat Mordechai wakker geworden was, bleef hij nadenken over zijn droom, waarin hij gezien had wat God van plan was; tot laat in de avond spande hij zich tot het uiterste in om de droom te begrijpen.
Mordechai verijdelt een aanslag
12 Eens lag Mordechai in de hof van het paleis te rusten, evenals Gabata en Tarra, twee eunuchen die de koning als paleiswachter dienden. 13 Hij hoorde hoe zij met elkaar overlegden, luisterde aandachtig en kwam zo te weten dat ze een plan beraamden om koning Artaxerxes om het leven te brengen. Hij bracht de koning van hun voornemen op de hoogte. 14 De koning onderwierp de twee eunuchen aan een verhoor; ze bekenden en werden weggeleid. 15 De koning liet deze gebeurtenis schriftelijk vastleggen, opdat de herinnering eraan bewaard zou blijven, en ook Mordechai schreef erover. 16 Zo kwam het dat de koning Mordechai een functie aan het hof verleende en hem geschenken gaf.
17 Haman, de zoon van Hammedata, een Bugeeër, stond bij de koning in hoog aanzien. Hij zon op middelen om Mordechai en diens volk kwaad te doen, om wat er gebeurd was met de twee eunuchen van de koning.

Uit: De Nieuwe Bijbelvertaling
© 2004/2007 Nederlands Bijbelgenootschap

BIBLIJA.net is een site van het Bijbelgenootschap van Slovenië

Programma: © 2001-2006 , OFMCap

Andere taalversies
van Biblija.net:

 
visitor stats