Het Nederlandstalige deel van Biblija.net wordt beheerd door het Nederlands Bijbelgenootschap

» STEUN ONS «
Woord(en):
Bijvoorbeeld:
  • evangelie
  • "groot en machtig"
  • koning*
  • gezalfde messias
Zoeken in bijbelversie:

Zoeken in: - .
3389 vindplaatsen in 2763 verzen

44.Numeri 20,14
 
Vanuit Kades stuurde Mozes gezanten naar de koning van Edom met deze boodschap: ‘Uw broeder Israël bericht u het volgende: Het is u bekend met welke moeilijkheden wij te kampen hebben gehad.
45.Numeri 21,1
 
De Kanaänitische koning van Arad in de Negev vernam dat de Israëlieten in aantocht waren en dat ze via Atarim kwamen. Hij viel hen aan en maakte een aantal van hen krijgsgevangen.
46.Numeri 21,21
 
Israël stuurde gezanten naar koning Sichon van de Amorieten met deze boodschap:
47.Numeri 21,26
 
Chesbon was de hoofdstad van de Amoritische koning Sichon. Hij had oorlog gevoerd tegen de vorige koning van Moab en hem zijn hele land afgenomen, tot aan de Arnon.
48.Numeri 21,29
 
Wee Moab! Je ging ten onder, volk van Kemos. De zonen van Kemos moesten vluchten, zijn dochters werden buitgemaakt door Sichon, koning der Amorieten.
49.Numeri 21,33
 
Daarna trokken ze verder in de richting van Basan, en koning Og van Basan trok tegen hen ten strijde. Hij rukte met zijn voltallige leger op naar Edreï.
50.Numeri 21,34
 
Maar de HEER zei tegen Mozes: ‘Je hoeft niet bang voor hem te zijn, want ik lever hem aan je uit, met heel zijn leger en zijn land. Doe met hem hetzelfde als wat je gedaan hebt met Sichon, de koning van de Amorieten, die in Chesbon zetelde.’
51.Numeri 22,2
 
Balak, de zoon van Sippor, die in die tijd koning van Moab was, hoorde wat Israël de Amorieten had aangedaan. De Moabieten waren buitengewoon bang voor het volk van Israël, omdat het zo talrijk was. Ze raakten in paniek en zeiden tegen de oudsten van Midjan: ‘Die horde vreet hier de hele streek nog kaal, als een rund dat een veld afgraast.’
52.Numeri 22,10
 
Bileam antwoordde God: ‘Die zijn naar mij toe gestuurd door koning Balak van Moab, de zoon van Sippor, met deze boodschap:
53.Numeri 23,7
 
Bileam hief een orakelspreuk aan en zei: ‘Balak liet mij uit Aram komen, uit het bergland in het oosten riep Moabs koning mij. “Kom Jakob voor mij vervloeken, kom Israël verwensen!”
54.Numeri 23,21
 
Voor Jakob laat zich geen onheil schouwen, voor Israël laat zich geen rampspoed zien. De HEER, hun God, is in hun midden, gejubel klinkt op rond hun koning.
55.Numeri 24,7
 
Israëls emmers lopen over, zijn zaad krijgt water in overvloed. Zijn koning wordt groter dan Agag, zeer machtig zijn koningschap.
56.Numeri 31,8
 
onder wie de koningen van Midjan: Ewi, Rekem, Sur, Chur en Reba. En naast de vijf Midjanitische koningen doodden ze ook Bileam, de zoon van Beor.
57.Numeri 32,33
 
Daarop gaf Mozes aan de Gadieten en de Rubenieten en aan de helft van de stam Manasse, de zoon van Jozef, het rijk van koning Sichon van de Amorieten en het rijk van koning Og van Basan – alle steden binnen de landsgrenzen en al het gebied rondom die steden.
58.Numeri 33,40
 
De Kanaänitische koning van Arad, die in de Negev in Kanaän woonde, vernam dat de Israëlieten in aantocht waren.
59.Deuteronomium 1,4
 
Dat gebeurde nadat hij Sichon, de koning van de Amorieten, die in Chesbon zetelde, had verslagen, alsook koning Og van Basan, die zetelde in Astarot en Edreï.
60.Deuteronomium 2,24
 
De HEER zei: ‘Breek nu het kamp op en steek het dal van de Arnon over. Hierbij lever ik Sichon, de Amoritische koning van Chesbon, met zijn land aan je uit. Val aan, daag hem uit en neem zijn land in bezit.
61.Deuteronomium 2,26
 
Ik stuurde toen vanuit de woestijn van Kedemot gezanten naar koning Sichon van Chesbon met een vredelievende boodschap. Ik vroeg hem:
62.Deuteronomium 2,30
 
Maar koning Sichon van Chesbon weigerde ons door zijn land te laten trekken. Want de HEER, uw God, had hem koppig en onverzettelijk gemaakt omdat hij hem aan u wilde uitleveren, wat ook gebeurd is.
63.Deuteronomium 3,1
 
Daarna zijn we verder getrokken, in de richting van Basan. Maar koning Og van Basan trok tegen ons ten strijde. Hij rukte met zijn voltallige leger op naar Edreï.

Uit: De Nieuwe Bijbelvertaling
© 2004/2007 Nederlands Bijbelgenootschap

Resultaten: [Naar het begin] [<< Terug] Genesis(28) Exodus(15) Numeri(15) Deuteronomium(24) Jozua(55) Rechters(39) 1 Samuel(91) 2 Samuel(199) 1 Koningen(254) 2 Koningen(302) 1 Kronieken(81) 2 Kronieken(240) Ezra(55) Nehemia(25) Ester(115) Job(8) Psalmen(76) Spreuken(35) Prediker(15) Hooglied(8) Jesaja(72) Jeremia(197) Klaagliederen(3) Ezechiël(39) Daniël(136) Hosea(17) Amos(9) Obadja(1) Jona(2) Micha(6) Nahum(1) Habakuk(1) Sefanja(2) Haggai(3) Zacharia(8) Maleachi(1) Matteüs(21) Marcus(11) Lucas(16) Johannes(14) Handelingen(20) 1 Korintiërs(3) 2 Korintiërs(1) 1 Timoteüs(3) Hebreeën(5) Openbaring(23) Tobit(19) Judit(22) Ester_(Grieks)(118) 1 Makkabeeën(155) 2 Makkabeeën(86) Wijsheid(8) Sirach(19) Baruch(11) Brief_van_Jeremia(8) Toevoegingen_Daniël(22) [Verder >>]

BIBLIJA.net is een site van het Bijbelgenootschap van Slovenië

Programma: © 2001-2006 , OFMCap

Andere taalversies
van Biblija.net:

 
visitor stats