Het Nederlandstalige deel van Biblija.net wordt beheerd door het Nederlands Bijbelgenootschap

» STEUN ONS «
Woord(en):
Bijvoorbeeld:
  • evangelie
  • "groot en machtig"
  • koning*
  • gezalfde messias
Zoeken in bijbelversie:

Zoeken in: - .
3389 vindplaatsen in 2763 verzen

59.Deuteronomium 1,4
 
Dat gebeurde nadat hij Sichon, de koning van de Amorieten, die in Chesbon zetelde, had verslagen, alsook koning Og van Basan, die zetelde in Astarot en Edreï.
60.Deuteronomium 2,24
 
De HEER zei: ‘Breek nu het kamp op en steek het dal van de Arnon over. Hierbij lever ik Sichon, de Amoritische koning van Chesbon, met zijn land aan je uit. Val aan, daag hem uit en neem zijn land in bezit.
61.Deuteronomium 2,26
 
Ik stuurde toen vanuit de woestijn van Kedemot gezanten naar koning Sichon van Chesbon met een vredelievende boodschap. Ik vroeg hem:
62.Deuteronomium 2,30
 
Maar koning Sichon van Chesbon weigerde ons door zijn land te laten trekken. Want de HEER, uw God, had hem koppig en onverzettelijk gemaakt omdat hij hem aan u wilde uitleveren, wat ook gebeurd is.
63.Deuteronomium 3,1
 
Daarna zijn we verder getrokken, in de richting van Basan. Maar koning Og van Basan trok tegen ons ten strijde. Hij rukte met zijn voltallige leger op naar Edreï.
64.Deuteronomium 3,2
 
Toen zei de HEER tegen mij: ‘Je hoeft niet bang voor hem te zijn, want ik lever hem aan je uit, met heel zijn leger en zijn land. Doe met hem hetzelfde als wat je gedaan hebt met Sichon, de koning van de Amorieten, die in Chesbon zetelde.’
65.Deuteronomium 3,3
 
En zo leverde de HEER, onze God, koning Og van Basan met zijn voltallige leger aan ons uit. We versloegen hem en doodden al de zijnen – niemand van hen bleef in leven.
66.Deuteronomium 3,6
 
We doodden alle inwoners, zoals we eerder hadden gedaan bij Sichon, de koning van Chesbon. In elke stad doodden we de mannen, vrouwen en kinderen.
67.Deuteronomium 3,8
 
Zo hebben wij toen het gebied aan de oostkant van de Jordaan, vanaf het Arnondal tot aan het Hermongebergte, op die twee Amoritische koningen veroverd.
68.Deuteronomium 3,11
 
(Koning Og van Basan was de enig overgebleven afstammeling van de Refaïeten. Zijn bed – te zien in Rabba, de hoofdstad van Ammon – is van ijzer en maar liefst negen el lang en vier breed, gemeten in de gewone el.)
69.Deuteronomium 3,21
 
Jozua heb ik toen op het hart gedrukt: ‘Jij hebt met eigen ogen gezien wat de HEER, je God, met die twee koningen heeft gedaan. Precies zo zal de HEER doen met alle vorsten die je na de oversteek zult treffen.
70.Deuteronomium 4,46
 
Dat gebeurde aan de overkant van de Jordaan, in het dal tegenover Bet-Peor, in het land dat had toebehoord aan Sichon, de koning van de Amorieten, die in Chesbon zetelde en die evenals koning Og van Basan door Mozes en de Israëlieten op hun tocht uit Egypte verslagen werd,
71.Deuteronomium 4,47
 
waarbij het hele gebied van deze twee Amoritische koningen ten oosten van de Jordaan door hen in bezit werd genomen,
72.Deuteronomium 7,8
 
Maar omdat hij u liefhad en zich wilde houden aan wat hij uw voorouders onder ede had beloofd, heeft de HEER u met sterke hand bevrijd uit de slavernij, uit de macht van de farao, de koning van Egypte.
73.Deuteronomium 7,24
 
Hij zal hun koningen aan u uitleveren en u zult het land zuiveren van alles wat aan hen herinnert; steeds verder zullen ze teruggedrongen worden, tot u ze allemaal uitgeroeid hebt.
74.Deuteronomium 17,14
 
Wanneer u in het land gekomen bent dat de HEER, uw God, u zal geven en u het in bezit hebt genomen en er woont, zegt u misschien: ‘Laten we een koning aanstellen, net zoals de volken om ons heen.’
75.Deuteronomium 17,15
 
Dat is geoorloofd: u mag uit uw midden iemand die door de HEER, uw God, zal worden uitgekozen, als koning aanstellen. Maar het mag niet iemand uit een ander land of van een ander volk zijn.
76.Deuteronomium 17,17
 
Evenmin is het de koning toegestaan er veel vrouwen op na te houden, want dat zou hem tot afgodendienst kunnen verleiden. En verder mag hij ook geen zilver en goud ophopen.
77.Deuteronomium 17,18
 
Als de koning eenmaal over zijn rijk heerst moet hij een afschrift van dit wetboek laten maken, naar de tekst die bij de Levitische priesters berust.
78.Deuteronomium 17,20
 
Dan zal hij zich niet inbeelden dat hij meer is dan anderen en in enig opzicht boven de wet staat, en zal zijn koningschap over Israël bestendigd worden en op zijn zonen overgaan.

Uit: De Nieuwe Bijbelvertaling
© 2004/2007 Nederlands Bijbelgenootschap

Resultaten: [Naar het begin] [<< Terug] Genesis(28) Exodus(15) Numeri(15) Deuteronomium(24) Jozua(55) Rechters(39) 1 Samuel(91) 2 Samuel(199) 1 Koningen(254) 2 Koningen(302) 1 Kronieken(81) 2 Kronieken(240) Ezra(55) Nehemia(25) Ester(115) Job(8) Psalmen(76) Spreuken(35) Prediker(15) Hooglied(8) Jesaja(72) Jeremia(197) Klaagliederen(3) Ezechiël(39) Daniël(136) Hosea(17) Amos(9) Obadja(1) Jona(2) Micha(6) Nahum(1) Habakuk(1) Sefanja(2) Haggai(3) Zacharia(8) Maleachi(1) Matteüs(21) Marcus(11) Lucas(16) Johannes(14) Handelingen(20) 1 Korintiërs(3) 2 Korintiërs(1) 1 Timoteüs(3) Hebreeën(5) Openbaring(23) Tobit(19) Judit(22) Ester_(Grieks)(118) 1 Makkabeeën(155) 2 Makkabeeën(86) Wijsheid(8) Sirach(19) Baruch(11) Brief_van_Jeremia(8) Toevoegingen_Daniël(22) [Verder >>]

BIBLIJA.net is een site van het Bijbelgenootschap van Slovenië

Programma: © 2001-2006 , OFMCap

Andere taalversies
van Biblija.net:

 
visitor stats