Het Nederlandstalige deel van Biblija.net wordt beheerd door het Nederlands Bijbelgenootschap

» STEUN ONS «
Woord(en):
Bijvoorbeeld:
  • evangelie
  • "groot en machtig"
  • koning*
  • gezalfde messias
Zoeken in bijbelversie:

Zoeken in: - .
3055 vindplaatsen in 2294 verzen

1726.Jes 39,1
 
In die tijd zond Merůdach-BŠladan, de zoon van BŠladan, de koning van Babel, brieven en een geschenk aan HizkŪa; want hij had gehoord dat hij krank geweest en weer sterk geworden was.
1727.Jes 39,3
 
Toen kwam de profeet Jesaja tot de koning HizkŪa, en zeide tot hem: Wat hebben die mannen gezegd, en van waar zijn zij tot u gekomen? En HizkŪa zeide: Zij zijn uit verren lande tot mij gekomen, uit Babel.
1728.Jes 39,7
 
Daartoe zullen zij van uw zonen, die uit u zullen voortkomen, die gij gewinnen zult, nemen, dat zij hovelingen zijn in het paleis van de koning van Babel.
1729.Jes 41,2
 
Wie heeft van de opgang die rechtvaardige verwekt? heeft hem geroepen op zijn voet? de heidenen voor zijn aangezicht gegeven, en gemaakt, dat hij over koningen heerste? heeft ze zijn zwaard gegeven als stof, zijn boog als een voortgedreven stoppel?
1730.Jes 41,21
 
Brengt uw twistzaak voor, zegt de HEERE; brengt uw gegronde bewijsredenen bij, zegt de Koning van Jakob.
1731.Jes 43,15
 
Ik ben de HEERE, uw Heilige; de Schepper van IsraŽl, uw Koning.
1732.Jes 44,6
 
Zo zegt de HEERE, de Koning van IsraŽl, en zijn Verlosser, de HEERE der heerscharen: Ik ben de Eerste, en Ik ben de Laatste, en behalve Mij is er geen God.
1733.Jes 45,1
 
Alzo zegt de HEERE tot Zijn gezalfde, tot Kores, wiens rechterhand Ik vat, om de volken voor zijn aangezicht neer te werpen; en Ik zal de lendenen der koningen ontbinden, om voor zijn aangezicht de deuren te openen, en de poorten zullen niet gesloten worden:
1734.Jes 47,5
 
Zit stilzwijgend, en ga in de duisternis, gij dochter der ChaldeeŽn! want gij zult niet meer genoemd worden koningin der koninkrijken.
1735.Jes 47,7
 
En gij zeidet: Ik zal koningin zijn in eeuwigheid; tot nog toe hebt gij deze dingen niet ter harte genomen, gij hebt aan het einde daarvan niet gedacht.
1736.Jes 49,7
 
Alzo zegt de HEERE, de Verlosser van IsraŽl, Zijn Heilige, tot de verachte ziel, tot Hem, aan Wie het volk een gruwel heeft, tot de Knecht van hen, die heersen: Koningen zullen het zien en opstaan, ook vorsten, en zij zullen zich voor U buigen; om de HEERE, Die getrouw is, om de Heilige IsraŽls, die U verkoren heeft.
1737.Jes 49,23
 
En koningen zullen uw voedsterheren zijn, hun vorstinnen uw zoogvrouwen; zij zullen zich voor u buigen met het aangezicht ter aarde, en zij zullen het stof uwer voeten lekken; en gij zult weten, dat Ik de HEERE ben, dat zij niet beschaamd zullen worden die Mij verwachten.
1738.Jes 52,7
 
Hoe liefelijk zijn op de bergen de voeten van hem, die het goede boodschapt, die de vrede doet horen; van hem, die goede boodschap brengt van het goede, die heil doet horen; van hem, die tot Sion zegt: Uw God is Koning.
1739.Jes 52,15
 
Alzo zal Hij vele heidenen besprengen, ja, de koningen zullen hun mond over Hem gesloten houden; want wie het niet verkondigd was, die zullen het zien, en die het niet gehoord hebben, die zullen het verstaan.
1740.Jes 57,9
 
En gij trekt met olie tot de koning, en gij vermenigvuldigt uw welriekende zalven; en gij zendt uw gezanten ver weg, en vernedert u tot de hel toe.
1741.Jes 60,3
 
En de heidenen zullen tot uw licht gaan, en koningen tot de glans, die u is opgegaan.
1742.Jes 60,10
 
En de vreemden zullen uw muren bouwen, en hun koningen zullen u dienen; want in Mijn verbolgenheid heb Ik u geslagen, maar in Mijn welbehagen heb Ik Mij over u ontfermd.
1743.Jes 60,11
 
En uw poorten zullen steeds open staan, zij zullen des daags of des nachts niet toegesloten worden; opdat men tot u inbrenge heidenen, en hun koningen tot u geleid worden.
1744.Jes 60,16
 
En gij zult de melk der heidenen zuigen, en gij zult de borsten der koningen zuigen; en gij zult weten, dat Ik de HEERE ben, uw Heiland, en uw Verlosser, de machtige Jakobs.
1745.Jes 62,2
 
En de heidenen zullen uw gerechtigheid zien, en alle koningen uw heerlijkheid; en gij zult met een nieuwe naam genoemd worden, welke de mond des HEEREN uitdrukkelijk noemen zal.

Statenvertaling, editie 1977
© 1977 Nederlands Bijbelgenootschap

Resultaten: [Naar het begin] [<< Terug] Gen(21) Ex(14) Num(15) Deut(22) Joz(62) Ri(37) 1 Sam(80) 2 Sam(208) 1 Kon(251) 2 Kon(307) 1 Kron(66) 2 Kron(252) Ezra(62) Neh(29) Est(122) Job(8) Ps(63) Spr(31) Pred(13) Hoogl(7) Jes(75) Jer(210) Klaagl(3) Ez(31) Dan(134) Hos(17) Am(6) Jona(2) Mi(6) Nah(1) Hab(1) Zef(3) Hag(2) Zach(9) Mal(1) Mat(24) Mar(12) Luk(14) Joh(13) Hand(21) 1 Kor(1) 2 Kor(1) 1 Tim(3) Heb(4) 1 Petr(2) Op(28) [Verder >>]

BIBLIJA.net is een site van het Bijbelgenootschap van SloveniŽ

Programma: © 2001-2006 , OFMCap

Andere taalversies
van Biblija.net:

 
visitor stats